balk

Denken in etappes: pauze

Voor meer informatie over de cursus Levenskunst - Vrijheid en verandering en de workshops over schaamte en schuld, lees >>>

-------------------------------------------------------------------


De rubriek Vraag van de maand was bedoeld voor iedereen die het leuk vond om dieper over dingen na te denken. En omdat nadenken tijd nodig heeft, ging het er hier rustig aan toe. Elke eerste vrijdag van de maand verscheen een vraag. De tweede vrijdag stelde ik o.a. vragen ter verdieping, de week daarop stonden meestal verbanden tussen antwoorden en uitgangspunten centraal. De vierde vrijdag sloot ik het zoeken af met een antwoord. Wegens andere prioriteiten stop ik voorlopig met deze rubriek. Denken ondertussen vooral rustig verder. Succes!



Is in naam van de kunst alles geoorloofd?

Week 1 Het proeven van de vraag: eerste associaties


Werkdefinitie:

'Kunst' als kunstwerk is in ieder geval datgene wat door de schepper of bedenker serieus en oprecht "kunst" wordt genoemd.

Er kan dus kunst zijn die door de scheppers of bedenkers niet is aangemerkt als "kunst"...


Week 2 Omtrekkende bewegingen: hulpvragen


"Laatst zag ik voor het eerst een werk van de gevierde Engelse kunstenaar Damien Hirst in het echt. Een vierluik in primaire kleuren, bezaaid met vlinders. Geschilderd, dacht ik. Maar nee: het waren opgeplakte dode vlinders. Mijn vrolijkheid werd afschuw. Wellicht bedoeld, maar, om met mijn zwager te spreken, het doel heiligt de middelen, maar sommige middelen ontheiligen het doel."
A.L. te H.


Eerst maar eens wat meer voorbeelden van grensverschijnselen
Damien Hirst, nu in het nieuws vanwege zijn met diamanten bezette mensenschedel die het Rijksmuseum wil tentoonstellen, heeft onder andere ook een haai op sterk water gezet en als kunst tentoongesteld. Op andere momenten heeft hij een doorgesneden koe gepresenteerd, en (in 1990) een installatie gemaakt van een kleine glazen container met veel vliegen erin die meer of minder snel dood gingen, afhankelijk van de keuzes die ze maakten. Het Stedelijk Museum Amsterdam heeft 4,5 ton betaald voor een glazen kist met ziekenhuisafval: kunst of kleren van de keizer?
Voor een indruk, bekijk bijvoorbeeld dit korte filmpje op YouTube.


In het Trapholt Museum voor Moderne Kunst te Kolding, Denemarken, had Marco Evaristti in 2000 een installatie van 10 blenders met daarin goudvissen. Het publiek kon de blenders aan doen. Dat is ook 1x gebeurd, waardoor twee goudvissen vermalen werden.

De dierenbescherming aldaar spande een rechtszaak aan tegen de museumdirecteur. Er werd een boete van 300 euri geëist. De directeur weigerde te betalen. De rechter stelde hem in het gelijk. Een getuige-deskundige (werknemer van de betreffende blenderfabrikant) beweerde dat de vissen binnen een seconde door het vermalen dood waren. Dit was voor de rechter (o.a.?) reden te oordelen dat hier geen sprake was van dierenmishandeling.


Deze Deens-Chileense Evaristti heeft in 2006 zijn eigen buikvet, vrijgekomen door liposuctie, gebakken, opgegeten en ook ingeblikt als "Polpetto al grasso di Marco". Evaristti wil dat zijn "auto-kannibalisme" o.a. wordt begrepen als "kritisch-ironisch commentaar op de westerse consumptiemaat-schappij" (bron: zijn eigen engelstalige website).

Zijn kunst is een Dadaïstische manifest en maakt zichtbaar dat alles tot kunst kan worden gemaakt. In ander werk heeft hij lichaamssappen als bloed en sperma in zijn kunstwerken goed gebruikt.


Uit 2008 stamt "The Last Fashion - a collection to die for" met mode voor ter dood veroordeelden - om hen aan de vergetelheid te onttrekken en hun de individualiteit die hen is afgenomen, via de kleren weer terug te geven (à raison van $39,95).
Het zal binnenkort ook mogelijk zijn in een nieuwe installatie "Five2twelve" om het vlees van een ter dood veroordeelde op te voeren aan de vissen aldaar. Bijbehorende muziek is te vinden op Youtube.


Andres Serrano veroorzaakte in 1989 een schandaal met zijn Jezus-aan-het-kruis die gedrenkt was in Serrano's eigen pis. Naam van het kunstwerk "Piss Christ". Het gaat er hem niet om de (katholieke) religie en zijn symbolen te ontheiligen, zegt hij in een oud interview, maar om "nieuwe iconen te maken". Dit (engelstalig) interview met Serrano uit 1991 is onder deze link te vinden.

Op dit moment (september-oktober 2008) heeft Serrano in New York een tentoonstelling genaamd "Shit". Met poep dus.


De tweeling L.A. Raeven lijkt zichzelf uit te hongeren, elkaar te verdrinken of anderszins gewelddadig met elkaar in de weer te zijn en documenteert dat.

Is de pijnlijkheid van de beelden "shock art" of simpel exhibitionisme, of toch functioneel en kritisch? In 2007 hadden ze een tentoonstelling in het Stedelijk Museum Schiedam.


Onder de "Aktiekunst" valt ook het werk van Wolfgang Flatz. Op YouTube staat bijvoorbeeld de muziekvideoclip "Fleisch", waarin Flatz zelf bebloed o.a. aan een helicopter hangt, net als later in de clip een dode koe maar die stort uiteindelijk naar beneden. Associaties met de christelijke kruisiging en het als lam naar de slachtbank gaan, dringen zich op. De clip lijkt een aanklacht tegen het eten van vlees en/of de vleesindustrie door de parallel te trekken (te laten zien) tussen mens en dier: beiden immers VLEES. De beelden zijn rauw en provocerend, maar de clip is wat mij betreft zeker kunstig gemaakt.


Marcel Duchamp en het tonen van de werkelijkheid
Gaat het hier om willekeurige uitwassen in de kunst of is er toch een soort logica en noodzakelijkheid?


Op YouTube staat een filmpje dat een mooi overzicht geeft van het werk van Marcel Duchamp, de kunstenaar die begin 20e eeuw een urinoir aan het museum heeft aangeboden om tentoon te stellen.

Aan teken- en schildertalent ontbrak het hem niet dus het was geen verlegenheidsgebaar. Hij heeft prachtige dingen gemaakt. Maar wat het filmpje zo mooi toont is hoe hij de ontwikkeling doormaakt van kunstenaar die de werkelijkheid afbeeldt, via kunstenaar die van de werkelijkheid abstraheert en haar structuren vormgeeft (als kubist) tot iemand die de al vormgegeven werkelijkheid (het urinoir, een fietswiel en andere culturele zaken) werkelijk "neerzet" en dat als kunst presenteert.


De kunstenaar is geen schepper van nieuwe dingen meer, maar van een kunstige orde van het reëel bestaande.


Is het in zekere zin niet meer dan logisch dat de beeldende kunst inmiddels uit is gekomen bij het natuurlijke leven, inclusief het leven van de kunstenaar zelf? Om dat dan kunstig te gaan bewerken?

Want aan die bestaande orde van het leven kan nog worden getrokken en geduwd, en de kunstenaar kan zo nieuwe of onverwachte emoties oproepen bij het publiek.


En dan is er nog iets dat misschien tot bovengenoemde radicale kunst heeft geleid.


Engagement en vorm
Als het altijd al een onderdeel van de kunst was om mensen over zichzelf, hun leven en samenleven na te laten denken, is deze provocatieve kunst dan niet de geëngageerde kunst die bij uitstek past bij deze moderne tijd?


Is dit niet nog een van de weinige manieren om aandacht te krijgen voor (belangrijke) thema's, omdat we inmiddels alles al wel gezien, over alles al iets gelezen hebben..? Omdat we anders onverstoorbaar aan elke aanzet tot zelfreflectie en aan elk maatschappijkritisch "J'accuse" voorbij zouden lopen?


Zijn wij, burgers, alleen nog maar bereikbaar en bereidt over onszelf na te denken wanneer we niet anders meer kunnen dan struikelen over (grote) thema's?


Gaan we pas met elkaar in debat of met elkaar praten als we werkelijk geprovoceerd worden?


Stel dat we toegeven, dat de kunst zich mag, nee zelfs moet bewegen in de marges van het fatsoen of het moreel aanvaardbare, laten we - in ieder geval even - instemmen met de cultuurfilosoof Frank Mineur:


"In een open gemeenschap [daarentegen] zien de leden zich niet als slachtoffer maar als medeverantwoordelijken en spreken zij helemaal niet over het recht om te kwetsen. Integendeel, zij vragen om het voorrecht om uitgedaagd, bekritiseerd te mogen worden ook, nee juist, als dat even pijn doet. Het is een gemeenschap die vraagt om kritiek als instrument van zelfreflectie."
(BoekWerk no 2, Platform Theaterauteurs, 2007)


Kunst als dekmantel
Maar hoe immoreel mag de kunst worden om ons, kijkers of lezers, aan te zetten om na te denken over onze eigen of de algemeen geldende moraal?
Hoeveel "ontheiliging" kan het heilige verdragen?


"In naam van Oranje: doe open de poort!" waren de historische woorden volgens de geschiedenisboekjes waarmee gevraagd werd om te buigen voor het gezag van Willem van Oranje en het verzet te staken. Daarbij hoort dat Oranje Oranje is, en niet iets of iemand anders.


In naam van God en in naam van Allah zijn grote daden van barmhartigheid gepleegd, wordt nood gelenigd, brood en onderwijs gegeven, maar ook zijn wrede, nietsontziende kruistochten gevoerd, worden fatwa's uitgesproken, is gestenigd, zijn ongehuwde moeders verketterd (en konden ze tot zo'n 10 jaar geleden in Ierland nog in kloosters gevangen worden gehouden), zijn mannen en vrouwen als heksen verbrand, worden homoseksuelen uit gemeenschappen verstoten.


Het zijn altijd mensen die spreken namens deze hogere macht, want die macht zelf kan niet spreken. En wij moeten deze gezagsdragers en profeten op hun woord geloven.


Als we zeggen dat iets in naam van de kunst moet worden toegestaan, dan moet die kunst als gezag betrouwbaar zijn. Haar integriteit dient ondubbelzinnig te zijn.


Maar ook hier: niet de kunst spreekt zich uit, dat is de kunstenaar. Onder het mom van kunst zouden kunstenaars hun sadisme of machtswellust bijvoorbeeld kunnen uitleven. En omdat kunst aan verandering onderhevig is, en dat is wezenlijk voor kunst, kunnen we niet bij voorbaat precies vaststellen wat nog wel en wat niet meer kunst genoemd mag worden.


Het stelt hoge eisen aan de moraal van de kunstenaar om vrij te zijn tot het maken van immorele kunst.
Toch?


Week 3 Verbanden leggen en beklemtonen



Het gouden kalf
[1] Het volk wachtte lang op Mozes. Toen hij maar niet van de berg afkwam, verdrongen ze zich om Aäron en eisten van hem: ‘Maak een god* voor ons die voor ons uit kan gaan, want wat er gebeurd is met die Mozes, die ons uit Egypte heeft geleid, weten we niet.' [2] Aäron antwoordde: ‘Neem dan uw vrouwen, zonen en dochters hun gouden oorringen af en breng die bij mij.' [3] Hierop deden alle Israëlieten zonder aarzelen hun gouden oorringen af en gaven die aan Aäron. [4] Alles wat ze hem brachten smolt hij om en hij goot er een beeld van in de vorm van een stierkalf. Het volk riep uit: ‘Israël, dit is je god, die je uit Egypte heeft geleid!' [5] Toen Aäron besefte wat er gebeurde, bouwde hij een altaar voor het beeld en kondigde hij aan dat er de volgende dag een feest voor de HEER zou zijn. [6] De volgende morgen vroeg brachten ze brandoffers en vredeoffers. Ze gingen zitten om te eten en te drinken, en stonden daarna op om uitbundig feest te vieren.
Exodus, 32 - Nieuwe bijbelvertaling


Beschrijving uit de catalogus Sotheby's van Damien Hirsts Gouden kalf:
"calf, 18 carat gold, glass, gold-plated steel,silicone and formaldehyde solution, with Carrara marble plinth", oftewel: kalf, 18 karaats goud, verguld zilver, siliconen en sterk water, voetstuk van Carraramarmer


Blasfemie, aanklacht of artistieke klucht?
Het gouden kalf van Hirst is op 16 september 2008 verkocht voor een bedrag van 10.345.250 britse ponden (ongeveer 13 miljoen euro).


Er dienen zich als vanzelf een paar vragen aan:
1. is dit nog kunst?
2. is dit heiligschennis?
3. hoe is het kalf aan zijn eind gekomen? Maakt dat uit?
4. mag je willekeurig welk voormalig levend wezen (bijvoorbeeld zo) gebruiken voor een kunstwerk?
5. zou je een menselijke dode met bijvoorbeeld handen en voeten die vervangen zijn door lamspoten aan een kruis kunnen nagelen en als kunst tentoonstellen?
6. welke bedoelingen heeft de maker met het werk?
7. heeft dit werk van Hirst maatschappelijke, politieke of artistieke gevolgen?


1. De vraag naar wat kunst is blijf ik omzeilen
Bij het bepalen daarvan lopen mensen al vaak vooruit op wat ze moreel wel of niet toegestaan vinden en dat is hier voor de vraagstelling niet handig. Zo zegt bijvoorbeeld Maarten Doorman (filosoof, criticus, dichter en essayist) in het NRC van 19 december 2007:
"Strikt genomen bestaat er geen moreel verwerpelijke kunst, want zulke kunst is geen kunst en slechts de drager van een boodschap, pornografie, amusement of een te simpele provocatie."
Kunst moet voor Doorman in ieder geval dubbelzinnig zijn, en is per definitie dus niet plat en enkelvoudig in opzet.


2. Heiligschennis: ja of nee?
Ja, wanneer je het gebruik van beelden-met-godsdienstige-waarde afwijst zolang die beelden geen godsdienstige functie hebben, en bijvoorbeeld niet gebruikt worden in een passende (orthodoxe) context als kerk of synagoge. De toeschouwer kan nu immers het beeld van het gouden kalf interpreteren als bespotting van de religieuze afwijzing van idolen.


Nee, als je het werk ondogmatisch beschouwt. Dit museale kalf, zo kun je het interpreteren, ligt in het verlengde van het gouden kalf uit de bijbel/thora. Het staat voor de afgoderij waar wij, consumenten en ook (en misschien vooral) kunstconsumenten zich aan overgeven. Zonder respect voor wat werkelijk belangrijk is gebruiken en verbruiken we de wereld om ons heen; alles verslindend wat we op ons pad tegenkomen. Hirst doet na wat wij, moderne mensen, wezenlijk aan het doen zijn. Hij houdt ons een spiegel voor.
(Zijn werk is dus meer dan een "simpele provocatie", en is zo dubbelzinnig als kunst moet zijn om Kunst te zijn...)


3. Het einde van het kalf
Is het kalf speciaal gedood voor het kunstwerk of gekocht van de slachterij? Dat zouden we moeten navragen. Maar maakt het uit?


Ja, wanneer je vindt dat dieren alleen gedood mogen worden om zelf in leven te kunnen blijven of om ervan te eten. Het doden moet een vitaal belang dienen. Zo'n belang dient de kunst niet en daarom mag er niet speciaal voor de kunst, uit naam van de kunst, gedood worden.
Dus als het kalf van de slachterij komt, en gedood is uit naam van de voedselindustrie, mag het in deze visie wel gebruikt worden?? Dat is een gewetensvraag. Ook hier krijgen we weer een tweesprong. Wie zegt: dood is dood, dus dan maakt het ook niet meer uit, redeneert pragmatisch en wat er met de dieren uit de slachterij gebeurt, staat iedereen vrij.
Maar als een (integere) kunstenaar nu eens een geslachte koe aan zijn of haar auto zou binden, en daarmee -als dynamische installatie- de A1 afrijdt, die koe al bonkend over de weg achter zich aan slepend, zo dat de stukken vel en vlees eraf gereten worden..?


Tegenover de pragmatische positie staat de principiële positie dat je geen (opportunistisch) gebruik mag maken van de situatie: als jij het geslachte beest voor de kunst gebruikt, zal er een extra beest geslacht moeten worden om van te eten. Dus indirect wordt er toch gedood voor jouw kunst. Niet doen dus.


4. Mag je elk voormalig levend wezen voor de kunst gebruiken?
De levende dieren die gebruikt zijn (zoals de vliegen bij Hirst en de goudvissen bij Evaristti), laat ik hier even buiten beschouwing.
Als je tegen het gebruik en doden van dieren bent, anders dan voor eten of voor een ander als vitaal beschouwd belang, is het antwoord meteen nee.


Als je wel iets toestaat ten behoeve van de kunst, hoever ga je dan? Mag je alles (laten) doden voor de kunst? Van regenworm tot vlinder en van kat tot kalf? Een ja hoort bij een zeer grote waardering van de kunst en/of zeer weinig waardering van het (dierlijk) leven.


Mag je alleen op natuurlijke wijze, door ziekte of ouderdom gestorven dieren en mensen gebruiken? Wat te denken van de tentoonstelling een paar jaar geleden van de opgezette, geplastineerde menselijke lichamen van Chinese origine, die misschien ter dood veroordeelden waren?

En wat te denken dan van de 16e/17e eeuwse lijkschenning ten behoeve van de anatomische kennis van de naar het leven schilderende kunstenaars?


Grensgebieden te over in ieder geval. Want hoe heilig, hoe onaantastbaar zijn de doden - of behoren ze te zijn?


5. Een gekruisigde met lamspoten..?
Mag het niet vanwege de mens of vanwege het lam? Of vanwege beide?
Er zijn nu eenmaal dingen die je niet doet, zeggen zelfs de meest tolerante mensen. Het kan uit fatsoensoverwegingen zijn dat mensen sommige kunstbeelden of "kunstproducten" afwijzen, niet uit godsdienstige. In dat geval is geen sprake van een ervaren belediging van de zoon van god, bijvoorbeeld, maar van confrontatie met een verschrikkelijke monsterachtige creatie en monsterachtige omgang met mens en dier...


Maar je zou het totstandkomen van een dergelijk beeld ook kunnen toejuichen: omdat er zoveel aan te interpeteren valt, en als het lijk maar voor zijn dood toestemming heeft gegeven voor de chirurchische ingrepen en zijn tentoonstelling... Het lam komt waarschijnlijk gewoon van de slachtbank, en daar gaat het werk immers over.


Wordt met dit beeld niet onmiddellijk uitdrukking gegeven aan wat het bekritiseert en/of aan de orde stelt? Net als bij Hirsts kalf, maar dan nog een stap verder?


Kan en moet een beeld als dit niet juist begrepen worden als noodzakelijk ontwikkelingsmoment van de ((post)moderne) kunst? Ooit zag een "zwart suprematistisch vierkant" -zoals de naam al zegt: een zwart geschilderd vierkant- van Malevitsch in 1915 het licht. Het zorgde voor een schandaal. Malevitsch zelf zag het als "het fundament van alle andere vormen", een soort schilderkunstig minumum.


Zal er niet eens een maximaal moment in de kunst moeten komen waar niemand meer aan voorbij kan gaan? En is dat maximum in deze tijd misschien juist te zoeken in de moraliteit van het kunstwerk: wat het uitdrukt en hoe dat uitgedrukt wordt?


6. Dus komen we bij de bedoelingen van de maker
En bij het thema waar ik de vorige week mee ben geëindigd: de moraliteit van de kunstenaar, diens integriteit als mogelijke voorwaarde voor immorele kunst.
We moeten kiezen of de bedoelingen van de kunstenaars wel of niet van belang zijn voor wat wij voor geoorloofd houden.


Een moeilijkheid bij het beoordelen op grond van bedoelingen is echter altijd weer: hoe weten we welke bedoelingen iemand werkelijk heeft? Mensen kunnen wel zeggen dat ze hoogstaande bedoelingen hebben, maar hoe weten we of ze de waarheid spreken?
We kunnen hier en nu afzien van dit probleem en er tijdelijk, voor de meningsvorming, van uitgaan dat als iemand zegt bepaalde bedoelingen te hebben, hij of zij ze ook werkelijk heeft. Het gaat er tenslotte om te kiezen of we die bedoelingen met het kunstwerk in moreel opzicht iets waard vinden.


Maakt het uit of Flatz zijn werk "Fleisch" heeft gemaakt uit protest tegen de manier waarop wij met "vlees" omgaan, te weten: met de dieren die we opeten (zie voor filmpje Youtube)? Maakt het uit of Flatz een dode koe van grote hoogte laat neerstorten om menselijke overschilligheid tegenover dieren zichtbaar te maken, of dat hij dat doet uit nieuwsgierigheid hoe dat eruit ziet, of uit effectbejag en om in het nieuws te komen?


Nee, zegt iedereen die tegen het gebruik van dieren is of die het kunstwerk voor zichzelf wil laten spreken. In dat laatste geval geldt als criterium voor wat geoorloofd is: de kunstigheid van het kunstwerk en de kunstige integriteit van dat kunstwerk zelf.


Ja, zegt iedereen die aan het kunstwerk alleen niet genoeg heeft om het betekenis te geven. Ja, zegt iedereen die er het verhaal van de maker bij wil hebben. Op voorwaarde dat de bedoelingen zuiver zijn, kunnen de ja-zeggers dan veel geëxperimenteer toestaan, ook morele experimenten.


7. Zo zijn we bij de gevolgen aangekomen
Willen we in ons oordeelsproces mee laten wegen wat de gevolgen zijn of kunnen zijn van een kunstwerk, van het tentoonstellen van een kunstwerk, in een museum of op straat, van het drukken ervan en verkopen, als het in de publieke ruimte komt, wat de gevolgen zijn van het toestaan dat een kunstwerk op een bepaalde wijze en met bepaalde materialen wordt gemaakt?


Zeggen we: het doel heiligt de middelen?
Of zien we af van bepaalde middelen ookal heiligen we het doel?


Maken we het thema wat in naam van de kunst geoorloofd is ondergeschikt aan de uitkomst van de discussie over de vrijheid van meningsuiting? Zeggen we daarmee dat een discussie over de grenzen van kunst een politieke discussie is? Of kiezen we daar bij nader inzien niet voor en zeggen we dat kunst een eigen domein heeft/moet hebben, en dat kunst autonoom moet zijn, maar dat ze daarmee niet automatisch grenzeloos en bandeloos hoeft te zijn?


Wikken en wegen
Het maken van keuzes blijkt neer te komen op het afwegen van veel en vooral heel diverse belangen:
- het belang van Kunst of van de Idee van Kunst: de noodzaak van ontwikkeling

- het belang van de vrijheid (tot expressie) van de kunstenaars
- het belang van mensen en dieren die als materiaal voor de kunst gebruikt (kunnen) worden
- het belang van de toeschouwers: hun rechten op het verschoond blijven van ongewenste indrukken of kwetsing
- het belang van maatschappijkritiek voor een niet-zelfgenoegzame samenleving
- acute of langetermijn politieke belangen
- en tenslotte is daar nog het belang van het kunstwerk zelf.



Week 4 Keuzes maken en antwoorden

Mijn eerste reactie op de vraag van deze maand is "Natuurlijk is niet álles geoorloofd". Maar waar begint het te schuren? Waar is de twijfel het hevigst en waar net weer voorbij?

Fundamentalisme
In week 3 bleek al dat de bepaling van dit grensgebied in grote lijnen wordt afgebakend door fundamentele levensbeschouwelijke opvattingen. Fundamentele opvattingen zijn grondslagen voor het be- en veroordelend denken. Het zijn opvattingen waar niemand snel afstand van doet en ook niet snel over in discussie gaat, bijvoorbeeld het radicaal afwijzen van geweld of vinden dat elke vrouw, omdat ze daar biologisch toe in staat is, ook feitelijk kinderen móét baren en opvoeden.

Iedereen heeft fundamentele opvattingen maar dat maakt nog niet iedereen tot een fundamentalist.

Levensbeschouwelijk fundamentalisme is niets anders dan er onwrikbare opvattingen op na houden over hoe het leven door deze en gene geleefd en beoordeeld dient te worden, inclusief verkettering van een ieder die er anders over denkt. De levensbeschouwelijke fundamentalist neemt alleen zichzelf serieus, minacht andersdenkenden en gunt deze geen plaats in zijn of haar levensbeschouwelijke utopie.
Een dergelijke liefdeloze en soms ook meedogenloze starheid is niet alleen voorbehouden aan religieuze mensen maar komt voor bij gelovigen van welke soort dan ook.

Extreme standpunten: radicaal formalisme en individualisme
Het denken over kunst kent dan ook twee extremen.
Aan de ene kant van het spectrum staan de mensen die boven alles aan wetten of leefregels vasthouden en alles en iedereen hieraan onderschikt maken: het is de letter van de wet die geldt.

Er is geen vrije ruimte toegestaan voor kunst en kunstenaars waarin geëxperimenteerd mag worden met de grenzen van wat door wet of regel is vastgesteld en als betamelijk geldt. Het wet- of regelsysteem acht men toereikend of zelfs volmaakt. Dit is een formalistisch standpunt.

Aan de andere kant staan de mensen die vinden dat de kunstenaar autonoom is, letterlijk: iemand die zelf de wet stelt waaraan hij/zij zich te houden heeft, dus iemand die zich niet aan ‘vreemde' wetten hoeft te onderwerpen.

Deze positie heeft zijn wortels in een geschiedenis van levensbeschouwelijke, religieuze tirannie en algemener: een geschiedenis van gewelddadige intolerantie en onderdrukking van alles wat eigen was en de vanzelfsprekendheid van de macht en machthebbers (van welke gezindte ook) bedreigde. Historisch gezien is het begrip van de autonome kunstenaar nog heel jong en ze vereist een behoorlijk ontwikkeld begrip van het ‘individu' en het belang van individualiteit en individuele (zelf)expressie.

In zijn meest extreme vorm is dit autonome individualisme geradicaliseerd tot het doof en blind stellen van een willekeurig individueel belang van iemand-die-zich-toevallig-kunstenaar-noemt boven dat van alles en iedereen. En dan lijkt dit radicale individualisme bedrieglijk veel op zijn tegenpool: het heeft eenzelfde meedogenloze gedaante aangenomen als de tirannieke levensbeschouwing waar het individualisme zich ooit tegen heeft verzet: "les extrèmes se touchent", de uitersten raken elkaar.

(1) Ik vind daarom dat nooit blindelings het recht van de autonome kunstenaar mag gelden.

Toch de wet als grens?
In het Nazi-duitsland van de jaren '30 en '40 van de 20e eeuw golden de zogenoemde Neurenberger rassenwetten. Hiermee werden o.a. de burgerrechten aan de Duitse joden ontnomen, werd het Duitse niet-joden verboden om te trouwen met joden, maar ook het in dienst hebben van joden door niet-joden was verboden. Het nageslacht van iedereen diende zuiver te zijn en vrij van genetische aandoeningen...
Ten tijde van de apartheid in Zuid-Afrika golden ook allerlei verboden ten aanzien van de omgang tussen blank, zwart en bruin. Wie zich niet aan deze wetten hield, in Duitsland en in Zuid-Afrika, riskeerde meer of minder strenge straffen.

De voorwaarde dat mensen zich bij hun acties (verbaal of anderszins) aan de wet moeten houden en zich dienen te onderwerpen aan het wettelijk gezag, is alleen een redelijke en menselijke eis wanneer wet en gezag zelf redelijk en menselijk zijn, d.w.z. bepaalde voor mensen belangrijke persoonlijke vrijheden erkennen. Bijvoorbeeld elkaar lief te mogen hebben, ongeacht ‘ras', huidskleur, afkomst, religie - èn seksualiteit.

De wet is het resultaat van historische processen. De ontwikkelingen in de kunsten en van de kunstenaars maken deel uit van deze historische processen. Wat de kunsten zijn en wat de kunstenaars kunnen en willen, is voor een deel gevolg van de geschiedenis (denk aan de kunst die gebruik maakt van moderne technologie), maar maakt zelf ook geschiedenis. En zo hoort het ook.

(2) Ik vind daarom dat nooit blindelings het recht van de Wet mag gelden.

Kijken naar de gevolgen...
Na een maand lang nadenken over dit onderwerp, merk ik dat ik een zo groot belang aan leven hecht, van wie of wat dan ook, dat ik daarom bereid ben heel veel geëxperimenteer aan kunstenaars toe te staan, maar niet als dat ten koste van het leven van anderen gaat, dier of mens.

(3) Een ander (mens of dier) willens en wetens zonder diens oprecht gemeende instemming letsel toebrengen of doden in naam van de kunst verwerp ik altijd, ook wanneer dat gebeurt onder het motto:

"Maar als ík vind dat het een verantwoorde artistiek zinvolle, nuttige of een geweldige artistieke ervaring is en ik krijg de gelegenheid om dat uit te voeren, dan moet ik dat toch mogen doen...?"

Het lukt me echter niet om de neerstortende koe van Flatz (zie week 2 en 3) zonder meer te verwerpen. Dus dat betekent dat de intentie waarmee ik denk dat het kunstwerk gemaakt is, voor mij wel van groot belang is.
De inzet van de kunstenaar met zijn of haar kunstwerk kan aanhaken bij wat ik belangrijk vind. Zo vind ik het belangrijk dat wij (in het algemeen) wel wat meer bij onszelf als vleesverslindende consumenten mogen stilstaan, omdat daar levens en dierenwelzijn en (het voortbestaan van) ons leefmilieu mee gemoeid zijn. Als praten niet helpt om het andere gedrag te bevorderen dat ik voorsta, namelijk minder vlees eten, dan wil ik de kunst wel als bondgenoot. Het lijkt erop dat ik daar wel een uit de slachterij afkomstige neerstortende koe voor over heb. Eentje! Voor op de video die eindeloos herhaald kan worden...

(4) ik wil maatschappelijk en politiek geëngageerde kunst toestaan onder voorwaarde (3), d.w.z. wat al dood is mag daarbij gebruikt worden;

(5) ik wijs ideologische partijdigheid in dit debat af en sta dus ook de kunst toe die mijn maatschappelijke en politieke stellingname met kunst betwist.

Ook de kunst die aan deze vrijheden een einde beoogt te maken? Ja, ik denk het wel.

(6) Voorlopig wil ik nog blijven geloven in de kracht van de democratische vrijheid. Ik gok erop dat er in een dergelijke atmosfeer geen meerderheid kan ontstaan die de democratie wil opheffen, terwijl ik een sfeer van repressie daar juist wel bevorderlijk voor acht. Het is altijd gokken als het over dit soort oorzaken en gevolgen gaat.

Al het voorgaande houdt voor mij ook in dat in de publieke ruimte kunst mag voorkomen die dan voor de ene, dan voor de andere groep schokkend kan zijn. Dus ook voor mij.

Leren stilstaan
Wat ik nog graag zou zien is een vanzelfsprekende moreel-filosofische ‘scholing' van kunstenaars in spe, maar die mag wat mij betreft iedereen krijgen.
En dan denk ik niet aan het uit het hoofd leren van de verschillende soorten ethiek die er mogelijk zijn, maar aan het leren om de tijd te nemen en echt naar elkaar te luisteren, om rustig na te denken over oorzaken en gevolgen, over eigen en ander(mens) belang, over vooroordelen en vooringenomenheid, over jezelf en over anderen, over vroeger, nu en later. Om niet altijd maar meteen overal een mening over te hoeven hebben. Om dingen niet te weten.

Het kunstwerk
En hoe staat het nu toch met het belang van het kunstwerk?
Tja, hoe staat het daarmee?
Geen flauw idee.

vraagvandemaandfoto